"Van luchtkasteel naar werkelijkheid (Ootmarsum)"
Van luchtkasteel naar werkelijkheid

Het moet Ootmarsums nieuwste toeristische trekpleister worden: de ooit zo roemruchte commanderie. Het plangebied van 10 hectare voor de herbouw is net zo groot als het huidige historische centrum van het toeristenstadje. Het project vergt een totale investering van minstens 30 miljoen euro.

Hij houdt niet van superlatieven, maar gemeentesecretaris van Dinkelland Alex Damer ontkomt er nu niet aan. „Het is een project dat zijns gelijke niet kent. Het is voor Ootmarsum het project van de eeuw, dat zorgt voor een ongekende toeristische en economische impuls.

Het stadje krijgt hiermee de historische allure en grandeur terug van eeuwen geleden. En daarmee een nieuw gezicht, waar het ’t tot in de verre toekomst mee moet doen. De toeristische uitstraling reikt verder dan de regio. Met de commanderie maakt Ootmarsum een megasprong, wordt het landelijk op de kaart gezet en mag het zich echt de toeristische hoofdstad van het Oosten noemen.”

Alex Damer is de laatste jaren met wethouder Loes Stokkelaar-Fila kartrekker geworden van het ambitieu¬ze project waarvoor de gemeente Dinkelland, de Stichting Commanderie Ootmarsum en de Stichting Openluchtmuseum de handen ineen hebben geslagen.

De gemeentesecretaris realiseert zich dat het commanderieplan met alleen de goede wil van betrokken partijen een luchtkasteel zou zijn gebleven.

Maar dat veranderde toen twee particuliere investeerders uit Ootmarsum serieus gingen meedoen. Die twee investeerders zijn Hans Heupink (voormalig tabaksfabrikant) en Harry OudeWeernink (directeur-eigenaar Othmar Trading, handelsbedrijf in sfeerartikelen als kerstballen). Oude Weernink stond tien jaar geleden aan de wieg van de Stichting Commanderie Ootmarsum waarvan hij voorzitter werd. Heupink kwam pas later in beeld toen bekend werd dat hij met plannen rondliep voor de bouw van een bierbrouwerij en een whiskystokerij. De twee investeren samen 16 miljoen euro.

Voor de gemeente is de inbreng ‘budgettair- neutraal’. Dat wil zeggen: de opbrengst van de grondverkoop voor de bouw van zestien woningen op kavels tussen de 1.500 en 2.000 vierkante meter naast het openluchtmuseum wordt weer geïnvesteerd in het commanderiegebied: in totaal een bedrag van ruim 10 miljoen. De gemeenteraad ging met deze constructie al eerder akkoord. Van de provincie komt 1 miljoen euro en de Bank Giro Loterij stelt 1,2 miljoen beschikbaar voor de herbouw van de commanderiekapel. Verder rekent Damer op medewerking van de Heidemij waar het gaat om de herinrichting van het openluchtmuseum. Het enige risico is volgens Damer dat de woningen niet worden verkocht.

„Maar daar ben ik niet bang voor.

Daarvoor zijn ze te bijzonder. Het belangrijkste is dat de commanderie en de kapel financieel zijn afgedekt, evenals de brouwerij en stokerij, de herontwikkeling van de Commanderiestraat (ook door Heupink, red.) en de herinrichting van de centrale parkeerplaats, de Stadsweide.”

In augustus ging de kogel door de kerk. De contracten met Heupink en OudeWeernink zijn inmiddels getekend.

Het stedebouwkundig bureau Khandehar heeft het plan gemaakt waarin de bouw van de commanderie centraal staat. De gronden zijn verworven. Het merendeel is in gebruik als volkstuintjes.

Het openluchtmuseum is in zijn nopjes met de ontwikkelingen. Te meer ook omdat het centrale thema van het museum - Het Land van Heeren en Boeren - nu helemaal kan worden ingevuld. „De boeren”, aldus bestuurslid Rob Meijer, „waren er al met de Twentse boerderijen, met de commanderie komen de Heeren er nu ook bij.”
 
Bron: De Twentsche Courant Tubantia van 17-11-2011